Uitspraak Europees Hof van Justitie heeft verstrekkende gevolgen.Het Hof van Justitie in Luxemburg stelt dat Turkse dienstverleners en ontvangers van diensten (daaronder toeristen) geen visum nodig hebben voor Duitsland. Volgt een invasie uit Turkije?
’Pak nog niet massaal het vliegtuig naar Europa’. Egemen Bagis, toponderhandelaar met de EU namens Turkije, probeerde deze week een rem te zetten op iets te voortvarend enthousiasme van zijn landgenoten. In Turkije is men echter zeker van zijn zaak: voor veel Turken is het afgelopen met de visumplicht. Voor een verblijf tot drie maanden.
Het optimisme van de Turken is gebaseerd op een recente uitspraak van het Europese Hof van Justitie in Luxemburg. Dat stelde twee Turkse vrachtwagenchauffeurs vorige week in het gelijk. De twee mannen, die hun zaak dertien jaar geleden begonnen in Duitsland, waren van mening dat ze met hun vrachtwagens EU-landen in moesten kunnen rijden, zonder in de rij te hoeven staan voor een visum.
Het Hof verwees in zijn vonnis naar een protocol dat in 1970 werd toegevoegd aan het Associatieverdrag tussen de toenmalige EEG en Turkije, en dat in 1973 officieel inging. In het protocol spraken de partijen af dat regels die op dat moment golden voor het verkeer van dienstverleners niet mochten verslechteren. En in 1973 was er geen visumplicht voor Turken in Duitsland– die werd pas in 1980 ingevoerd.
In Turkije heerst euforie over de uitspraak. De verwachting is dat alle Turken die in de private sector werken of zelfstandig werken, in ieder geval zonder visum naar de zes landen kunnen reizen die de EEG hebben opgericht. Het komt er op neer dat miljoenen Turken straks vrije toegang hebben tot Duitsland, Nederland, Italië, België, Luxemburg en Frankrijk. Voor de overige EU-landen is de situatie wat onduidelijker.
Kunnen de zes landen op een of andere manier onder het vonnis uitkomen? Volgens Sinan Ülgen, voorzitter van EDAM (Centrum Studies voor Economisch en Buitenlands beleid) zou het een groot schandaal zijn als de bovengenoemde landen het vonnis van het Hof aan hun laars zouden lappen.
„Ik verwacht niet dat ze dat doen. Het zou tegen alle principes van het Europese systeem zijn.
Het vonnis van het Hof is bindend voor alle EU-landen. Het staat boven de uitspraken van lokale rechters. Omdat de twee truckers de rechtszaak in Duitsland zijn begonnen, gaat de uitspraak naar de rechter in Berlijn. Maar de kans is nihil dat de lokale rechter het vonnis van het Hof van Justitie teniet doet.”
Ülgen is vooral blij met deze ontwikkeling omdat hij denkt dat deze gedeeltelijke afschaffing van de visumplicht ’een zachte landing’ kan betekenen voor het toekomstig EU-lidmaatschap van Turkije. „Europeanen die bang zijn dat bij een lidmaatschap van Turkije hun landen straks overspoeld zullen worden door miljoenen Turken, kunnen dan zien dat hun angst ongegrond is”, aldus Ülgen.
Egemen Bagis, het Turkse hoofd in de EU-onderhandelingen, overlegt nu met EU-commissaris (van uitbreiding) Olli Rehn over de gevolgen van het vonnis. Tegenover de Turkse pers toonde hij zich optimistisch: „We zijn erg verheugd met de uitspraak van het Hof. Als Turkije zullen we de EU-landen zeker onder druk zetten om dit vonnis na te leven.
De landgenoten die zonder visum naar Europa willen gaan, raad ik aan nog even te wachten.”
Ook Nederland moet Turken nu vrij binnenlaten.Turkse dienstverleners hebben ook in Nederland geen visum meer nodig, stelt
Kees Groenendijk. De hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen, gespecialiseerd in migratierecht, twijfelt er niet aan of dat is het gevolg van de uitspraak van het Hof van Justitie in Luxemburg, afgelopen week. Het Hof bepaalde dat Turkse dienstverleners en zelfstandigen die in Duitsland willen werken, geen visum nodig hebben. Voor hen gelden afspraken uit 1973 tussen de toenmalige EEG en Turkije, toen de huidige visumplicht nog niet bestond.
Dat betekent volgens Groenendijk dat Turken ook in Nederland (voor maximaal drie maanden) kunnen werken, zolang ze hier niet in loondienst zijn. Dat geldt bijvoorbeeld voor truckers, metselaars of monteurs.
Hij sluit bovendien niet uit dat de visumplicht door de uitspraak ook komt te vervallen voor Turkse toeristen. „De vrijheid van dienstverlening in het EG-Verdrag heeft betrekking op beide kanten van dienstverlening. Ze geldt voor dienstverleners én voor dienstenontvangers, zoals toeristen.” Andersom geldt dat dan overigens ook: Turkije zou de visumplicht voor bezoekers uit de betreffende landen moeten afschaffen, als Turkije in 1973 nog niet eiste dat zij een visum hadden.
Als de Turken hier langer willen werken, moeten ze een verblijfsvergunning aanvragen. Ook dat is misschien mogelijk onder de toenmalige bepalingen, zegt Groenendijk. „Dan zou je moeten weten wat in 1973 de precieze voorwaarden waren om als dienstverlener in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning, en moeten zien of die daarna (ten onrechte) zwaarder zijn geworden. Ik denk het wel, maar het is moeilijk vast te stellen. Tot midden jaren zeventig waren de vreemdelingencirculaires in Nederland namelijk geheim.”
Bron: Trouw 26-02-2009 (enigszins aangepast)